Emile deelt zijn heimelijke genoegen

552

“Als ik een Hema zie dan moet ik. Dan ga ik shaken. Het is voor mij een onweerstaanbaar tussendoortje. Zeker om een uur of drie als het middageten gezakt is. Dan kom ik in de winkel en ruik al op afstand de ordinair zoute geur en vettige lucht. Dan bestel ik een halve worst en dan komt’ ie uit het kokendhete water en wordt de worst doormidden gesneden, vetvrij papiertje erom. Anders nog iets, meneer?

Dan hap ik en spuit het sap alle kanten op en hoe voorzichtig ik ook ben, er komt altijd wel een vetvlekje op mijn kleding. Dan kauwen, beetje griezelen van het hoge zoutgehalte en slikken; lekker hoeft niet duur te zijn. Een halve worst kost anderhalve euro en met broodje twee euro. Ik zou wel een hele worst lusten, maar dan loop ik met twee halve stukken in elke hand en ik moet ook aan mijn reputatie denken. Ofschoon mijn dochters vinden dat ik helemaal geen reputatie heb.”

Armoedige worst

“Het maakt me niet uit toen tien jaar geleden uitlekte dat de worst niet in een mysterieuze plek met speciale houtsoorten en volgens geheim recept gerookt wordt. Maar gewoon door Unox in Oss en de worst bestaat voor het grootste gedeelte uit varkensvlees, vet, aroma’s en smaakversterkers. Ik koop bijna altijd een worst wanneer ik met mijn vrouw in Tiel winkel. Zij vindt de worst behoorlijk armoedig, maar zij is ook een dame. Ze heeft liever een harinkje met uitjes en thuis serveert ze de veel duurdere slagersworst.

Zij spreekt denigrerend van onderwaterworst. Toch zijn we al bijna veertig jaar getrouwd!

Tekstschrijver Hans Dorrestijn mocht van zijn moeder als kind geen worst kopen en zong later: Ik mocht nooit naar de Hema, we waren thuis te sjiek
M’n ouders lachten voor en na, om ’t armoedige publiek

Ik vond de worst van de Hema als kind al een hemels gerecht. Net als de slagroom- en mokkataart op zaterdag en de sterf-op-straatworst. Maar wij waren met zijn zevenen thuis en moesten bij de boerenkool een hele worst met zijn allen delen en dan is Schraalhans keukenmeester, ofschoon ik het nooit slecht heb gehad.
Wat zijn, op culinair gebied, uw heimelijke genoegens?”