Annick over OML’er Roy: ‘Soms zijn er geen woorden’
De volgers van Annick Velthuis schrokken toen er vrijdag ineens een volledig zwarte foto op haar Instagram verscheen. Geen uitleg, geen vrolijke familiekiekjes, maar één enkele zin die je meteen in de maag raakt: “Soms zijn er geen woorden”. In de caption schreef ze: Het voelt als zwarte pagina, dat is het! We gaan samen nog even zoeken naar de juiste woorden en hoe we dit alles voelen...
Het donkere beeld staat niet op zichzelf. Annick en haar man Roy, bekend van Over Mijn Lijk, leven al jaren in een realiteit waarin hoop en pijn elkaar afwisselen. Roy kreeg zeven jaar geleden te horen dat hij een ongeneeslijke hersentumor heeft. In het negende seizoen van het programma volgde heel Nederland hun verhaal. Diezelfde eerlijkheid klinkt nu opnieuw in de stilte van haar zwarte foto: soms kun je simpelweg niets anders dan ademen en doorgaan.
“Nee, geen kater”
Een paar maanden eerder deelde ze al hoe zwaar het voor Roy kan zijn om zelfs leuke momenten te verwerken. ‘Roy die alles geeft op zo’n leuke dag… maar de dag erna keihard moet boeten’, schreef ze toen. Niet door een kater, benadrukte ze, maar door de mentale en fysieke aanslag van zijn ziekte. Later legde ze uit: “Het is iets wat ik eigenlijk niet vaak deel, maar wat wel realiteit is. En nee, dat heeft niks met katers te maken, maar juist met het stukje van iets in je hoofd hebben wat er niet hoort.”
Juist daarom voelt deze nieuwe post zo rauw. Geen uitleg, geen verzachtende woorden. Alleen de stilte van iemand die even niet kan of wil vertellen wat er achter de schermen gebeurt. De herkenning die ze eerder van volgers kreeg, gaf haar steun: “Wat me zo raakte, is dat zóveel van jullie dit herkenden en me lieten weten dat jullie hetzelfde ervaren.” Maar soms is zelfs die herkenning niet genoeg om het gevoel zelf te verwoorden.
Onzekerheid
Tussen alle onzekerheid door houdt Annick zich vast aan één waarheid die ze eerder deelde met haar volgers: je moet nú leven. Niet later, niet wanneer het beter gaat, maar vandaag. Want, zoals ze zelf zegt: je weet nooit hoeveel moois er nog geschreven wordt.






