Eric Schneider stopt ermee: ‘energie is weg’

DEN HAAG – Eric Schneider (84) staat zondag in Den Haag voor het laatst op het toneel. “De kop is goed, maar de energie is weg”, zegt de man die in 57 jaar zo’n 150 rollen speelde. Van een met toneelprijs Louis d’Or bekroonde Hamlet tot een bejubelde Bernhard in tv-hit Bernhard, schavuit van Oranje. En van een melige Sinterklaas-rol in bioscoopkraker Alles is liefde tot een acteur in zijn ontluisterende nadagen in het door hemzelf geschreven Nocturne.

“Ja, Bernhard, wie heeft het niet gezien. Ik speelde toen in Duitsland, maar collega Hans Croiset zei: je moet Schneider hebben. Mijn broer, schrijver en diplomaat F. Springer, raadde dat ook aan. Die kende de prins wel. Hij zei trouwens dat Bernhard perfect Nederlands kon spreken, hij was een talenman. Maar dat accent, dat was charmant natuurlijk. Ik heb mij in het Duits voorbereid.”

De planken zijn altijd de grote liefde van Schneider geweest. Cabaretière Corrie Vonk zag het al aankomen in het jappenkamp waar de moeder van Schneider ook met de kleine Eric zat. “Ik deed Corrie na en daar moest iedereen om lachen. Jij moet aan het theater, zei ze.”

Bezetting

De Japanse bezetting van Nederlands-Indië komt zondag terug in de zelfgeschreven monoloog waarmee hij afzwaait: Hiroshima, mon ami. Een bepalende ervaring, die in 1990 extra dimensie kreeg toen hij werkte met Japanner Yoshi Oida. Deze regisseur verloor zijn familie door de bom op Hiroshima. “We zijn exact even oud. En dan treffen we elkaar na al die jaren aan de Noordzee, in een stuk over de ondergang van de wereld, Eindspel van Samuel Beckett. Dat kan toch geen toeval zijn?”

Zijn afscheid vervult Schneider met weemoed, maar hij kijkt terug op tal van hoogtepunten: alleen al de Hamlet natuurlijk en andere Shakespeare-rollen. “Gespeeld met grote gebaren, dat is Shakespeare. Maar een hoogtepunt vind ik ook de overgang die ik kon maken naar de rollen in de stukken van Tsjechov. Hij is een heel intieme auteur, die je kleiner speelt.”

Verstaanbaar

Groot of klein spel, het moet verstaanbaar blijven en daar mankeert het nu wel eens aan, vindt hij: “Misschien komt het door al het tv-werk, dat meer naturel moet zijn, maar ik versta vooral de vrouwen soms niet. Dan denk ik: Waarom mompel je nou toch zo?”

Hij mist ook de grote klassieken in onze schouwburgen. “Ik ben een beetje ziek van dat woord eigentijds, alles moet eigentijds. Maar je vindt je eigen tijd in de klassieken! Ik vind het heel goed van de jongere generaties dat er zo’n enorm engagement is met de eigen tijd, maar drama moet drama blijven!”

 

BuzzE