OM: brandstichtingen tijdens Pride 2025 waren gepland
Advertentie
AMSTERDAM (ANP) – Het Openbaar Ministerie stelt dat twee brandstichtingen tijdens Pride Amsterdam vorig jaar een vooropgezet plan waren, van de 27-jarige verdachte Anes A. Vlak voor de brandstichtingen in een trein en in een tijdelijke kleedkamer in het Centraal Station in Amsterdam zou A. op Instagram verwijzingen naar IS-sites hebben gepost, waarmee hij volgens het OM de IS-ideologie verheerlijkte.
Ook kreeg A. op de dag van de Pride Amsterdam, op 2 augustus 2025, 750 euro op zijn rekening gestort, met als omschrijving ‘cadeau’. Volgens het OM kocht hij de dag voor de incidenten een kleine hoeveelheid benzine, waarvoor hij geen plausibele verklaring kan geven. Volgens de advocaat van A. is niet duidelijk of de benzine is gebruikt.
A. heeft de brandstichtingen bekend. Eerst stak hij een zitplaats in een trein van Utrecht naar Amsterdam in brand, daarna het gordijn van een kleedkamer die speciaal voor Pride-bezoekers in het Centraal Station was ingericht.
Terroristisch motief
A. stond dinsdag terecht in de rechtbank in Amsterdam, tijdens een eerste inleidende zitting sinds zijn aanhouding begin juli dit jaar. Volgens het OM had A. een terroristisch motief. “De regenbooggemeenschap is hiermee angst aangejaagd”, zei de officier van justitie.
“De verdediging zal de ernst van de gebeurtenissen niet bagatelliseren”, zei advocaat Shruti Toelsie. Volgens haar is van haar cliënt nu ten onrechte een beeld ontstaan van een terrorist. Zij zette daartegenover dat A. vorig jaar volledig de weg was kwijtgeraakt. “Hij gebruikte drugs, verloor zijn werk als zzp’er, werd dakloos en raakte zijn familie kwijt.” Volgens Toelsie kreeg A. zonder hulp van instanties zijn leven weer op orde. “De toestand van verwardheid en wanhoop is niet meer aan de orde.”
Kleedkamer
De rechtbank besloot dat A. vast blijft zitten. “Er is op de dag van de Pride brand gesticht in een kleedkamer en in een trein. Dit heeft voor ophef en verontwaardiging binnen de regenbooggemeenschap gezorgd”, legde de rechtbankvoorzitter uit.
Het onderzoek naar het vermeende terroristische motief van A. loopt nog. “Er kan niet nu al worden gezegd dat terroristisch oogmerk ontbreekt”, aldus de rechtbank. Ook is er nog geen rapport van een psycholoog en psychiater die onderzoek doen naar de psyche van de verdachte. Dat maakt dat de rechtbank nog weinig weet over het risico op herhaling.
De volgende zitting is op 8 januari 2027.
ANP




