OM wil geen straf voor bestuurder Haagse tram die man overreed
Advertentie
DEN HAAG (ANP) – Het Openbaar Ministerie heeft de rechtbank in Den Haag vrijdag gevraagd om de 44-jarige bestuurder die eind maart 2024 in Den Haag in zijn tram over een man heen reed schuldig te verklaren, maar geen straf op te leggen. Het 37-jarige slachtoffer zonder vaste woon- of verblijfplaats was op het spoor gaan liggen en is honderden meters meegesleept door de tram, die daardoor ontspoorde. De man overleefde de aanrijding niet.
Trambestuurder Paul A. heeft volgens het Openbaar Ministerie een “inschattingsfout met fatale gevolgen” gemaakt. Het slachtoffer was kort voor de aanrijding uit een tram gezet op de Alexanderstraat in Den Haag. De man was onder invloed en begon vervolgens een wachthuisje te vernielen. Hij stak een spoor over om in foetushouding tussen het aangrenzende spoor te gaan liggen, ter hoogte van het perron. Waarom is niet bekend. Kort daarna reed de tram over de man heen en stopte op de halte. Dit alles is vastgelegd door een camera van de Poolse ambassade.
Volgens de officier van justitie had A. de man, in donkere kleding, kunnen zien aan het lichte petje dat hij droeg en had hij uit zijn tram moeten stappen voor een controle. De officier hield in zijn eis rekening met het feit dat de zaak lang heeft geduurd, grote impact heeft op A. en dat het slachtoffer zelf op het spoor is gaan liggen.
Aanrijding
A. heeft verklaard dat hij dacht dat er een vuilniszak onder zijn tram lag. “Hij weet dat hij op enig moment iets zag en daar zonder probleem overheen kon rijden”, zei zijn advocaat. Zij meent dat justitie het recht op vervolging heeft verspeeld, omdat er veel fouten zouden zijn gemaakt in het onderzoek.
Het voertuig ontspoorde uiteindelijk rond 21.30 uur op het Carnegieplein voor het Vredespaleis. Daar werd ontdekt dat er een lichaam onder de tram zat. Langs de route die de tram had afgelegd, vonden agenten een bloedspoor, een oor en een schoen van het slachtoffer.
Trots
Uit onderzoek is gebleken dat A. niet op zijn telefoon keek tijdens de aanrijding. Ook was hij niet onder invloed en is hij nooit eerder veroordeeld voor verkeerszaken. Ten tijde van de aanrijding was hij al veertien jaar werkzaam bij de HTM, waar hij vol trots over sprak. “Toen mijn collega vertelde wat er was gebeurd, stortte mijn wereld in”, zei A. over de avond van de aanrijding. “Ik weet niet wat ik anders had kunnen doen. Dat maakt het niet minder erg, want er is een mens overleden.”
De rechtbank doet uitspraak op 20 november.
ANP




