Van Bronckhorst terug bij Feyenoord: afbreukrisico?
Giovanni van Bronckhorst, de 51-jarige Rotterdammer die Feyenoord in 2017 naar de eerste landstitel in achttien jaar loodste, keert terug als hoofdtrainer van De Kuip. Terwijl Robin van Persie na anderhalf jaar de laan uit werd gestuurd, tekende Van Bronckhorst een contract voor twee seizoenen met een optie voor een derde jaar. Het is een terugkeer die zowel logisch als riskant aanvoelt, en dat weet Gio zelf ook.
De breuk met Van Persie was hard en snel. De nieuwe clubleiding, met algemeen directeur Robert Eenhoorn en technisch directeur Dévy Rigaux, was nog maar net aangetreden toen zij besloten in te grijpen. Van Persie had weliswaar Champions League-voetbal veiliggesteld en eindigde tweede in de Eredivisie, maar een seizoen zonder prijs, gecombineerd met tegenvallende Europese resultaten, was genoeg om het contract te ontbinden. Dat contract liep nog door tot medio 2027. De nieuwe directie wilde haar eigen keuze maken, en die keuze werd Van Bronckhorst.
Vertrouwd terrein, nieuwe context
Voor Van Bronckhorst is De Kuip geen onbekend terrein. Tussen 2015 en 2019 stond hij al aan het roer in Rotterdam-Zuid en pakte hij vijf prijzen: het landskampioenschap, tweemaal de KNVB Beker en tweemaal de Johan Cruijff Schaal. Daarna volgden avonturen in China, Schotland en Turkije, en het afgelopen seizoen werkte hij als assistent naast Arne Slot bij Liverpool. Slot werd samen met hem de deur gewezen, waarna Feyenoord beide handen uitstak. Sipke Hulshoff, die ook in die Liverpool-staf zat, gaat mee als assistent.
Van Bronckhorst ziet de situatie nu anders dan elf jaar geleden. “Toen ik in 2015 als hoofdtrainer instapte, zaten we niet in Europa. Nu spelen we Champions League”, zei hij bij zijn presentatie. De club is gegroeid in organisatie en budget. Dat geeft hem vertrouwen, al erkent hij dat vertrouwen alleen niet genoeg is.
De prijs van een legacyterugkeer
De vraag die rond elke nostalgieterugkeer hangt, werd hem direct gesteld op de persconferentie: wat doe je met het afbreukrisico? Van Bronckhorst week er niet voor weg. “Het afbreukrisico zal er altijd zijn. Gelukkig kunnen ze de prijzen niet meer afpakken”, zei hij nuchter. En tegelijk: “Uiteindelijk gaat het om wat je in het leven wil, waar je uitdaging in ziet. Voor mij is dat op dit moment met Feyenoord.”
Dat is eerlijk, maar het is ook precies de kwetsbaarheid van zo’n terugkeer. De herinneringen aan 2017 zitten diep bij het Legioen. Wie terugkomt na een gouden periode, draagt die periode altijd mee het veld op. Elke tegenvaller wordt afgezet tegen de kampioenszomer. Elke overwinning is minder verrassend omdat het verwacht wordt. Van Persie is het bewijs dat zelfs clubiconen in De Kuip snel worden afgerekend op resultaten.
Wat hij meebrengt
De vergelijking met zijn eerste periode is verleidelijk maar mank. Feyenoord is groter geworden, de verwachtingen zijn hoger, de concurrentie van PSV is meedogenloos gebleken. Van Bronckhorst brengt mee: Champions League-ervaring via Liverpool, een sterk netwerk in Rotterdam, en de bewezen capaciteit om van een groep een team te maken. Hulshoff, die eerder onder Slot de veldtrainingen leidde en door Ronald Koeman naar het Nederlands elftal werd gehaald, vormt een assistent die hem tactisch aanvult.
Voor technisch directeur Rigaux is de keuze helder: “Zijn brede ervaring, gecombineerd met Feyenoord-dna en de honger naar nieuwe successen, maakt dat we echt geloven dat we de club weer een stap vooruit gaan brengen.” Het nieuwe seizoen begint voor Feyenoord met Champions League-kwalificatiewedstrijden. Dat is meteen de lakmoesproef voor het duo Van Bronckhorst en Hulshoff.




