Column Maaike

Column

Hij is er elke woensdag. Eerst rookt hij een sigaret op het perron, daarna beweegt hij zich rustig naar de coupé. Hoewel zijn pak keurig is, komt hij eerder casual dan zakelijk over. Dat kan ook aan zijn bakkebaarden liggen. Binnen een paar minuten voegen zich een paar collega’s bij hem. Ze reizen met z’n allen naar Amersfoort. Daar stapt ook de mevrouw met het zelfgemaakte ontbijt uit. Zij roert altijd licht verveeld wat fruit door haar yoghurt in een glazen weckpot. Vandaag heeft ze ineens veel make-up op. Knalrode lippenstift. Heeft ze een belangrijke afspraak? Misschien heeft ze wel een oogje op iemand? Het zijn de bekende vreemden die ik elke dag ruim voor acht uur ’s ochtends in de trein zie. We kijken elkaar zelden aan, het onbekend zijn is gemakkelijk te tolereren in een coupé. Zouden ze zich ook van alles bij mij afvragen? De ene ochtend maak ik een puzzel, de andere lees ik een boek of werk ik iets uit op de laptop. Ik zal ongetwijfeld in verschillende gedaantes aan ze voorbijkomen aangezien mijn gemoedsgesteldheid rechtstreeks van het gezicht af te lezen is. Valt het op dat ik vannacht een traan gelaten heb? Het verdriet heeft in ieder geval diepe sporen getrokken. Naast mijn coffee to go ligt een dikke reep chocolade, de troost der troosten. Ineens kijkt de ontbijt-vrouw om, we hebben kort oogcontact. Ze ziet mijn chocolade liggen en lacht vriendelijk. Zacht en begripvol. Ook dat kan, in de trein.

Vind ik leuk

Ik zit bij de kapper. Een dame, al behoorlijk op leeftijd, staat bij de kassa. Voordat ze naar buiten stapt zegt een mannelijke klant die ook net klaar is: ,,Mevrouw, nu heeft u het haar net zo mooi, u hoeft toch niet door de regen heen? Het is hondenweer. Wordt u opgehaald?” Ze schudt. ,,Nee. Ik loop gewoon naar de bushalte.” ,,Weet je wat?” zegt de man die netjes de mantel voor haar openhoudt. ,,Ik breng u graag thuis, tenminste als u dat toestaat.” Ze knikt. ,,Wat aardig. De wereld zou meer van zulke mensen moeten hebben.”