Reizen: Bonjour Provence!

HAUT VAR: LUIEREN, ROSÉ EN WEG UIT DE DRUKTE
LEVEN ALS GOD IN FRANKRIJK WENT SNEL 

Sla op de Autoroute A8 50 kilometer voorbij de heerlijke studentenstad Aix-en-Provence rechtsaf. Verderop lonken de badplaatsen Fréjus, Cannes en Antibes. Ten noorden van de autoroute ligt het groene paradijs: de Haut-Var. Een wereld van verschil. Wie kiest voor de romantiek van het dorp Cotignac, het kunstrijke Salernes, het liederlijke Lorques, het prachtige Pau met zijn markt op zaterdag of Entrecasteaux met het eeuwenoude kasteel pontificaal in het dorp, wordt in één klap verliefd op dit deel van de Provence. 

De romantiek van het echte Franse leven tussen de wijnboeren en

France, Var, Provence Verte (Green Provence), Cotignac. Foto: Camille Moirenc / hemis.fr / HH

de wuivende olijfbomen hebben veel Nederlanders al ontdekt. De vergezichten, de waterval bij Sillans de la Cascade en in de vallei Salernes met zijn heerlijke markt, vooral op zondag. Het dorp, bij de rivier Le Bresque, is ook de plek waar wijlen Amsterdamse galeriehouder Herman Krikhaar neerstreek en dat bekend staat om zijn keramische tegels en klassieke tuintafels, zoals die van de plaatselijke beroemdheid Pierre Basset. 

Cannes is in de buurt 

Het is hier één grote kruidentuin. Het zonovergoten landschap met de wijndomeinen, waar inmiddels gekozen is voor de lucratieve rosé’s in plaats van de klassieke witte en rode wijnen. Hier voel je je al heel snel thuis. Twaalf uur rijden van Nederland (via Nancy, Dijon, Lyon – blijf daar een nachtje en geniet van de keuken van Paul Bocuse – en Aix) of met het vliegtuig naar Marseille of Nice en je bent in de Haut Var. Het verschil met andere delen van de Provence is dat ook drukke badplaatsen, zoals St-Tropez en Cannes, in de buurt liggen. Je hoeft er niet per se naartoe, maar je kunt wel gewoon gaan. 

Het gebied heeft ook prachtige meren, zoals Lac de Saint Croix bij de Georges du Verdon of het meer van Quinson of het Lav d’Esparron. Wie toevallig geen huis met een zwembad heeft gehuurd, kan zelfs in het voorjaar al een frisse duik nemen. Er zijn tal van privéstrandjes, waar je kunt verpozen. 

Wij kozen dit jaar voor Cotignac als uitvalsbasis. In notabene de bastide van de burgemeester van het prachtige dorp, dat tegen een rotswand van 80 meter is gebouwd, keken we uit over de wijngaarden. Nog steeds is het dorp een enclave voor kunstenaars met de cours en zijn prachte iepen als centrale plek. Meest spectaculair is een bezoek aan een hermetisch afgesloten klooster Sanctuaire Notre-Dame de Graces. Een mooier uitzicht bestaat bijna niet.  

Voor velen is het verblijf in de Haut Var een vlucht uit het drukke leven. Hooguit een bezoekje, met aan de arm een Provençaalse boodschappenmand, aan de markt voor het verse fruit en de groene asperges, aan de boulanger voor de verse baquettes en aan de slager, die zelf zijn paté de campagne nog maakt, zijn rillette en overheerlijke worstjes.  

Bedachtzaam met wijn! 

Bezoekjes aan wijngaarden zijn leuk, maar niet altijd lucratief. Soms maakt de wijnboer met de plaatselijke supermarkt een dealtje en verkoopt hij daar zijn restpartijen. Wij vonden bij de supermarkt Intermarché in het dorpje Carces, 5 kilometer vanaf Cotignac, een medaillewinnaar (rosé) van Chateau Sainte-Croix. Het is maar dat u dit weet als u denkt voordeeltjes te kunnen halen bij winkels op de wijngaarden. Of wie de supermarkt E.Leclerc kent, weet dat ook dit de plek is om als wijnfan bedachtzaam te zijn. Let vooral goed op de prijzen in deze snoepwinkel voor wijnen. 

Wie niet van lekker eten houdt, kan beter thuisblijven. Kies, bij voorkeur, voor een plat of menu du jour in een restaurant. Voor soms nog geen €25 tovert de patron een drie-gangen-menu voor u op tafel, inclusief de huiswijn in een pichet. Blijft het toch nog betaalbaar. In Cotignac aten we bij Le Clos des Vignes, maar lyrisch zijn we over La Table des Coquelicots. We kwamen ook tot andere ontdekkingen, zoals in Aix-en-Provence bij het knusse Le Bistrot aan de Rue Campra 5. Geen toerist te bekennen, maar wel de beste steak tartare van Frankrijk op het bord. 

Wildstoofpotjes

Zo heeft iedereen zijn voorkeur. Sommigen zweren bij het restaurant van truffelkoning Bruno bij Lorgues, wij ontdekten vlakbij Domaine de l’Amaurigue, het wijngoed van ondernemer Dick de Groot in Le Luc, een restaurantje waar een oma nog wildstoofpotjes uit de keuken toverde.  

Leuker is het natuurlijk om zelf de keuken in te duiken. Onmisbaar is een goede olijfolie. Er gaat niets boven die uit Flayosc (Moulin à huile de la Combette), een prachtig dorpje met de fraaie Bed & Breakfast Villa Catherine van Donald en Catherine Pannekoek. Restaurant La Salle a Manger van de Nederlanders is ook al zo’n uitstekend adres, gevestigd op het plein Place de la Republique, maar dat geldt ook voor L’ Oustaou, op steenworpafstand. In de stad Draguian hebben we niets te zoeken; verspilling van tijd. Je kunt je tijd beter besteden aan een uitstapje naar het dorp Varages (Rue de la Paix 28), waar Frans servies en aardewerk wordt gemaakt. En voor wie genoegen neemt met B-kwaliteit is er een aparte ruimte, waar voor een paar euro’s een compleet servies kan worden aangeschaft. 

Wandelen en fietsen kan ook

Voor wie een huisje huren te duur is, zijn er overal campings in de Haut Var. We kennen Nederlanders die al 25 jaar op een camping bij Salernes bivakkeren. Ze krijgen maar niet genoeg van het Franse leven en van dit deel van de Provence. Want wie niet luierend en rosé-drinkend de zomer wil doorkomen, kan ook golfen, wandelen en fietsen. Duizenden Nederlanders bewegen zich voort op een racefiets – sommigen rijden zelfs door naar de Mont Ventoux – en weer anderen vissen of verkennen voor het wild de uitgestrekte bossen. Maar het allermooiste blijft toch de zondagochtend op de Place Théodore Bouge in Salernes bij café de Négociants met een croissant, een kop koffie en de ochtendeditie van de Var-Matin, de plaatselijke krant. Leven als God in Frankrijk went snel.